Last updated 28 June 2009
An Article by Dorothee Forma in Dutch Daily Trouw on the book “Armenian Golgotha” by Grigoris Balakian, published by Alfred A. Knopf, New York.


Trouw 27-06-2009, pagina 78

Ooggetuige van de Armeense genocide
Aartsbisschop Grigoris Balakian overleefde de deportatie


Photo: In treinwagons worden Armeense mannen, vrouwen en kinderen weggevoerd.

Over de Armeense genocide ten tijde van de Eerste Wereldoorlog is veel geschreven. Maar nu is er in het Engels een ooggetuigeverslag van de hand van de Armeense aartsbisschop Balakian.

Grigoris Balakian: Armenian Golgotha. Uit het Armeens vertaald in het Engels door Peter Balakian en Aris Sevag. Alfred A.Knopf, New York. ISBN 9780307262882; 510 blz. € 34,99

Op 24 april 1915 zit de Armeense aartsbisschop Grigoris Balakian (39) in Constantinopel aan de avondmaaltijd met zijn moeder en zuster en haar gezin. Balakian is een half jaar daarvoor teruggekeerd uit Berlijn, waar hij theologie studeerde. De bel gaat: het wijkhoofd vraagt Balakian mee te gaan ’voor het beantwoorden van enkele vragen op het politiebureau’. Met een stoomboot wordt hij overgebracht naar een gevangenis in de wijk Sirkeci. Daar ontmoet Balakian tientallen andere verbijsterde Armeense notabelen. De hele nacht worden nieuwe groepen afgeleverd. Sommige Armeniërs zijn nog in pyjama. Niemand begrijpt waarvoor hij is opgepakt, de paniek is groot.

Balakian heeft het geluk zijn moeder weer te zien – jaren later. Onder een valse identiteit keert hij in september 1918 naar Istanbul terug. In de tussentijd is hij door Turkse jandarma dwars door Anatolië gesleept en heeft hij onvoorstelbare ontberingen doorstaan. Veel Armeense intellectuelen zijn onderweg vermoord. Balakian begint na terugkomst onmiddellijk zijn ervaringen op te schrijven. Die worden in 1922 en postuum in 1959 (deel twee) buiten Turkije in het Armeens uitgegeven.

Over de deportaties van de Armeniërs en de systematiek die daarbij werd toegepast, is veel bekend. Eerst werden de mannen in het leger oproepen, vervolgens werden vrouwen, kinderen en bejaarden weggevoerd, richting woestijn. Criminele bendes en Koerdische stammen vielen de stoeten Armeniërs aan; vrouwen werden verkracht en ontvoerd, bezittingen in beslag genomen, mensen werden vermoord, hun lichamen verminkt. Maar niet eerder was een deportatie vanuit het perspectief van een gedeporteerde in het Engels te lezen. ’Armenian Golgotha’ biedt een uniek inzicht in hóe en in welk politiek klimaat de deportaties zich voltrokken.

De Engelse editie is vertaald door de Amerikaanse hoogleraar en schrijver Peter Balakian, een achterneef van Grigoris, en vertaler Aris Sevag. De uitgave is voorzien van voetnoten en een uitgebreide toelichting.

Het Ottomaanse Rijk vocht tijdens de Eerste Wereldoorlog aan Duitse kant. Vaak hoor je in Turkije dat het deportatieplan door de Duitsers is ingegeven. Balakians verhaal onderschrijft dat. De Duitse generaal Von Der Goltz Pasha opperde al in februari 1914 tijdens een toespraak in Berlijn dat alle Armeniërs uit het TurksRussische grensgebied moesten worden verwijderd omdat ze te pro-Russisch waren.

In Anatolië woonden en werkten in 1915 veel Duitsers. Ingenieurs legden de strategisch belangrijke Bagdad spoorlijn aan; volgens Balakian waren zij sterk anti-Armeens. Toch waren het Duitsers die hem uiteindelijk hielpen te ontkomen.

Het duurde lang voordat de Armeense notabelen konden bevatten dat hun deportatie deel van een dodelijk masterplan uitmaakte, ook al kregen ze van Turkse kant wel eens een hint in die richting. Zij bleven protesttelegrammen sturen naar hun vriend Mehmet Talaat Pasha, de minister van binnenlandse zaken. Maar Talaat Pasha was juist de architect van het plan. Van vergissing was geen sprake. Eèn van de bewakers, kapitein Shukri, knoopte onderweg een gesprek aan met Balakian. Geanimeerd vertelde hij hem hoe hij de supervisie had over het afslachten van meer dan zesduizend Armeense vrouwen en kinderen uit Yozgat. Nadat Turkse vroedvrouwen hen buiten de stad uitgebreid hadden gefouilleerd – alles van waarde werd ingepikt – selecteerden Turkse mannen de mooiste meisjes. Vervolgens mocht de opgetrommelde bevolking met bijlen, stokken en landbouwwerktuigen erop los gaan.

Balakian vertelt over open rijtuigen vol Armeense weesjongens die, net besneden, door Ankara moesten paraderen In het dorpje Ashvar stuitte hij op Armeense families die als Turkse moslims probeerden te overleven. Zij smeekten hun bisschop hen te vergeven en in tranen baden zij gezamenlijk het Onze Vader.

Weerkerend thema in het boek is het Het Grote Omkopen. Van hoog tot laag kon er bij officieren in het leger met een goudstuk wel wat geregeld worden. Water, een korst brood, of een uur extra uitrusten. Als de Turken niet zo gevoelig voor de omkooppogingen waren geweest, hadden heel wat minder Armeniërs de deportaties overleefd.

Balakian woonde in 1917 ondergedoken tegenover een ziekenhuis in Adana waar Turkse gewonden van het Syrische front door Armeense verpleegsters werden verzorgd. Een verpleegster vertelde Balakian over de Turkse soldaat die haar zei: zuster, laat me sterven als een hond, als je wist wat ik met Armeense vrouwen heb uitgehaald, zou je wegrennen… Voor de slappe houding van de Armeense geestelijk leiders in Istanbul heeft Balakian geen goed woord over; de Armeense collaborateurs die via namenlijsten de deportaties vergemakkelijkt hebben, noemt hij met naam en toenaam. ’Armenian Golgotha’ eindigt met Balakians hartstochtelijke oproep aan alle Armeniërs om de moed niet te verliezen en geen enkele leider ooit nog te vertrouwen. De aartsbisschop overleed in 1934 in Marseille.

Talaat Pasha, de minister van binnenlandse zaken, vluchtte in 1918 naar Berlijn. Drie jaar later werd hij tijdens zijn ochtendwandeling in de wijk Charlottenburg doodgeschoten. Woedende Duitsers overmeesterden de jonge moordenaar Soghomon Tehlirian geheten. Die vertelde tijdens zijn proces dat hij de enige overlevende was van een grote Armeense familie uit Erzincan. Tijdens de deportatie werden zijn zusters en zijn broer en moeder gedood. Soghomon kreeg een klap op zijn hoofd. Toen hij bijkwam, was de karavaan uit het zicht verdwenen. Hij leed sindsdien aan epilepsie en had zich bij een Armeens wraakcommando aangesloten.

Tijdens het proces kreeg Balakian veertig minuten spreektijd als getuige, hoewel Turkse diplomaten dat probeerden te verhinderen. Toen de rechters het oordeel van de jury volgden en Tehlirian vrijspraken, klonk er in de rechtszaal applaus op.

Begin dit jaar werd in Turkije een cahier van Talaat Pasha in facsimile gepubliceerd. In dit zwartboek staan nauwkeurige lijsten met aantallen gedeporteerden per regio: tot 1917 zijn circa een miljoen Armeniërs weggevoerd. Een veel hoger aantal dan tot nu toe door de Turkse overheid is toegegeven. In Turkije, waar Talaat een eregraf heeft, veroorzaakte de publicatie geen schokgolf. De samensteller ervan kwam onder vuur te liggen, maar de gruwelijke feiten zelf werden genegeerd.

Dorothée Forma
Back to the Top


Trouw 09-04-2009, pagina 4

PVV-achterban: Wilders moet Van der Stoep harder aanpakken

Eildert Mulder


Amsterdam – Binnen de achterban van de Partij voor de Vrijheid (PVV) heerst onvrede over de manier waarop partijleider Geert Wilders de kwestie rondom Daniel van der Stoep heeft afgehandeld.

Dat blijkt uit honderden reacties op de nieuwssite Geenstijl na het bericht gisteren in Trouw over Van der Stoep. Daarin stond dat een weblogger had ontdekt dat Van der Stoep, die kandidaat is voor het Europees parlement, in 2006 en 2007 had geweigerd de moordpartijen op de Armeniërs van 1915 te kwalificeren als genocide. Bij die moordpartijen kwamen ruim een miljoen mensen om.

Van der Stoep staat op de verkiesbare derde plaats van de PVV-lijst. Wilders, die pas dinsdag vernam van de opvattingen van Van der Stoep, besloot hem op de lijst te handhaven, omdat hij ervan overtuigd was dat hij spijt had.

Geenstijl nam het Trouwbericht integraal over, waarna een stortvloed van reacties kwam, vaak ongunstig voor Wilders. In de rauwe stijl van de nieuwssite krijgt Wilders van velen de raad om ’die klootzak’ alsnog van de lijst te verwijderen.

Veel reacties komen van mensen die zich bekendmaken als sympathisant van Wilders. Hij krijgt van hen te horen dat zijn coulante houding tegenover Van der Stoep stemmenverlies kan opleveren.

Sommigen dreigen op D66 te stemmen, een partij overigens die bij de Tweede Kamerverkiezingen van 2006 weigerde van een Armeense genocide te spreken en prompt 30.000 Turkse stemmen kreeg. Anderen vragen zich af waarom de achtergronden van Van der Stoep niet beter zijn onderzocht. Ook maken sitebezoekers een vergelijking met de LPF, die aan chaos ten onder ging. Tot nu toe had de PVV juist het imago van een strak gedisciplineerde club, het tegendeel van de LPF.

Ook Wilders heeft het Trouwbericht op zijn site gezet, zonder commentaar. De Armeense federatie Faon zegt bereid te zijn de uitlatingen van Van der Stoep ’vooralsnog’ af te doen als een jeugdzonde, en wacht af wat de PVV in zijn Europees verkiezingsprogramma over de Armeense genocide zal zeggen.


Trouw 08-04-2009, pagina 6

PVV’er biedt excuses aan voor ontkenning Armeense genocide


Ondanks zijn eerdere ontkenning van de Armeense genocide blijft PVV-beleidsmedewerker Daniel van der Stoep verkiesbaar voor Europa.

Eildert Mulder


De Partij voor de Vrijheid handhaaft Daniel van der Stoep op de lijst voor de Europese verkiezingen. Gisteren werd bekend dat Van der Stoep in 2006 en 2007 de Armeense genocide van 1915 had ontkend. PVV-voorman Geert Wilders is na een gesprek overtuigd van Van der Stoeps oprechte spijt.

Wilders: „Er is een genocide geweest en de PVV vindt dat ook Turkije dat moet erkennen. Van der Stoep zal dat standpunt uitdragen.” De gewraakte passages had Van der Stoep pas gisteren verwijderd maar een blogger had ze bewaard in screenshots. Van der Stoep staat op een verkiesbare derde plaats. In 2006 was hij nog lid van het CDJA, de jongerenorganisatie van het CDA. Er was toen in die partij beroering over twee Turkse kandidaten voor de Tweede Kamerverkiezingen van november 2006, die officieel de genocide erkenden maar in een e-mailcircuit en tegen Turkse media het omgekeerde beweerden. Het CDA voerde hen af van de lijst. Hetzelfde lot trof een kandidaat van de PvdA.

Van der Stoep prees de drie Turkse kandidaten. Hij gaf toe dat er verschrikkelijke dingen waren gebeurd in 1915 maar volgens hem stond de opzet van de Turkse autoriteiten niet vast. Wilders: „Eerder had hij een scriptie geschreven met een juridisch argument, dat uit de hand is gelopen. Als ik ook maar een moment het gevoel had gehad dat hij nog dezelfde ideeën had dan zou ik hem zeker van de lijst hebben gehaald.”

Tot gisteren kende Wilders de opvattingen van Van der Stoep niet: „Hij geeft toe dat hij het aan ons had moeten zeggen maar heeft er niet bij stilgestaan.” Van der Stoep heeft gisteren zijn excuses aangeboden aan de Armeense federatie Faon. In 1915 werden ruim een miljoen Armeniërs vermoord.

Zie voor meer informatie ook jan-jaap.blogspot.com en www.joostniemoller.com .


A background article by Arnout Brouwers in the Dutch Newspaper De Volkskrant on 11 March 2008, featuring the current situation in Armenia, with a special focus on Western and Russian position in recent Armenian and Georgian developments.

See English text below, after Dutch text.

You can also see (in English and Dutch) and discuss this topic at Holandahay Forum


De Volkskrant
11 maart 2008

Vuur laait op bij bevroren conflicten Kaukasus

Van onze correspondent Arnout Brouwers

Achtergrond
Brussel en Washington maken zich ongerust over toegenomen spanningen rond Nagorno-Karabach, Zuid-Ossetië en Abchazië

Door de onafhankelijkheid van Kosovo is op de Kaukasus een ‘doos van Pandora’ geopend.

MOSKOU Officieel heeft het niets met de onafhankelijkheid van Kosovo te maken, maar de onrust die is uitgebroken in de ‘bevroren conflicten’ op de Kaukasus wordt in Brussel en Washington met zorg gadegeslagen.

Het begon vorige week op de grens tussen Azerbeidzjan en Nagorno-Karabach, de Armeense enclave in Azerbeidzjan die na bloedige gevechten in de jaren negentig autonomie claimt. De schermutselingen waren de ergste sinds jaren. Westerse afgezanten waren er snel bij om beide partijen op te roepen het staakt-het-vuren te respecteren.

Die toezeggingen kregen ze, maar niet dan nadat Azerbeid – zjan had gedreigd het conflict ‘met geweld’ te zullen oplossen.

Donderdag gooide Rusland olie op het vuur van een ander smeulend conflict door de opheffing van ‘alle commerciële beperkingen’ in de handel met Abchazië.

Zuid-Ossetië en Abchazië zijn separatistische gebieden in Georgië die gestut worden met Russische hulp. Georgië noemde het een ‘extreem gevaarlijke provocatie’.

Rusland heeft altijd gewaarschuwd dat de onafhankelijkheid van Kosovo een ‘doos van Pandora’ zou openen. Abchazië en Zuid-Ossetië riepen deze week de internationale gemeenschap op hun onafhankelijkheid te erkennen. Maar zover wil Moskou niet gaan.

Het herstel van volledige economische relaties, die in de praktijk al hecht zijn, is een tussenstap die goed in het eigen straatje past.

Rusland organiseert in 2014 de Olympische Winterspelen in Sotsji, een stad die vlakbij de grens met Abchazië ligt. Door het besluit van deze week kan Abchazië worden ingezet bij de bouw van olympische faciliteiten. Volgens Georgië zet het de deur open naar Russische wapenleveranties aan Abchazische separatisten en naar de versterking van Russische militaire aanwezigheid in Abchazië.

Terwijl het vuurtje in Georgië’s ‘bevroren conflicten’ werd opgestookt, waren westerse afgezanten druk bezig om de crisis in Nagorno-Karabach de kop in te drukken.

De Amerikaan Matthew Bryza en de speciale afgezant van de NAVO Simmons doken op in het gebied om de partijen te weerhouden van nieuwe ‘grootschalige incidenten’.

Ook de Brit John Prescott vloog namens de Raad van Europa naar Armenië in verband met de noodtoestand die daar is uitgeroepen nadat de overheid vorig weekend een bloedig einde maakte aan protesten door de oppositie.

Door de spanningen op de Kaukasus lijkt westerse Realpolitik het te winnen van democratiebevordering.

In januari omarmden westerse landen de herverkiezing van president Saakasjvili van Georgië – ondanks aanwijzingen dat er geknoeid was. En ook na de hardhandige beëindiging van de demonstraties in Armenië bleef het opvallend stil.

De betogingen waren door de oppositie georganiseerd om te protesteren tegen verkiezingsfraude die een bondgenoot van de huidige president Kotsjarjan aan de macht bracht. Westerse waarnemers stelden onregelmatigheden vast, maar sanctioneerden de uitslag.

‘Armenië is zo’n zeldzaam geval waarin het oordeel van westerse en Russische waarnemers samenvalt’, schreef een Oekraïense commentator, die vaststelde dat de tijd van de ‘kleurenrevoluties’ (de bijnaam voor de democratische straatrevoluties van 2003 in Oekraïne en Georgië) voorbij lijkt.

Terwijl in Armenië de noodtoestand nog geldt en talloze oppositiepolitici zijn opgepakt, riep Saakasjvili dit weekend de Georgische oppositie op tot eenheid vanwege de buitenlandse dreiging. In plaats daarvan ging de oppositie opnieuw de straat op tegen zijn ‘vervalste’ verkiezingsoverwinning en begonnen oppositieleiders een hongerstaking.

Behalve eventuele Russische intriges zijn het dus vooral de binnenlandse spanningen in Armenië en Georgië die verklaren waarom westerse gezanten als een zwerm bijen zijn uitgevlogen over de Kaukasus. Want Kosovo moet wel, heet het officieel, ‘een uniek geval’ blijven.


Dutch daily De Volkskrant
11 March 2008

Fire Flares over Frozen Conflicts in the Caucasus

By our correspondent Arnout Brouwers

Background
Brussels and Washington are worried about increasing tensions in Nagorno-Karabakh, South Ossetia and Abkhazia

The independence of Kosovo opens “the Pandora box” on the Caucasus

MOSCOW – Officially, it has nothing to do with the independence of Kosovo, but the turmoil that has broken out in the “Frozen conflicts” in the Caucasus is watched with great worry by Brussels and Washington.

It began last week on the borders between Azerbaijan and Nagorno-Karabakh, the Armenian enclave in Azerbaijan, which after the bloody fighting in the nineties, now claims to be independent. The clashes were the worst since many years. Western delegates hurried there to ask both parties to respect the cease fire. They got that promise, but only after Azerbaijan had threatened to solve the conflict “by means of force”.

Then, Thursday, Russia poured oil on the fire of another smouldering conflict by lifting “all commercial restriction” in her trade with Abkhazia. South Ossetia and Abkhazia are separatist regions in Georgia which are propped up by Russian help. Georgia called it an “extremely dangerous provocation”.

Russia has always warned that the independence of Kosovo will open “the Pandora box”. Abkhazia and South Ossetia called on the international community this week to recognize their independence. Moscow, however, did not want to go this far.

The restoration of the full economic relations, which practically are closely-knit, is an intermediate step that serves Russia’s own interests. Russia is going to organize the 2014 Olympic Winter games in Sochi, a city that lies near the border with Abkhazia. By the decision taken this week, Abkhazia can be brought in to assist in the construction of Olympic facilities. According to Georgia, this will open the door to delivery of weapons to Abkhazian separatists and to the strengthening of Russian presence in Abkhazia.

While the Georgian “frozen conflicts” were being heated up, the western delegations were busy quelling the Nagorno-Karabakh crisis. Matthew Bryza of America and Simmons of NATO, turned up there quickly to hold parties back from new “large-scale incidents”. Also the British John Prescott flew to Armenia on behalf of the Council of Europe in connection with the state of emergency that has been put in force after the government last week made a bloody end to the protests by the opposition.

It appears that due to the tension in the Caucasus, the Western Real-politic is winning over the promotion of democracy. In January, the western countries endorsed the re-election of Sahakashvili in Georgia despite indications pointing to election fraud. Likewise, after heavy-handed ending of the demonstrations in Armenia, it was conspicuously silent on the western front.

The demonstrations had been organized by the opposition to protest against election fraud that brought Kocharian’s ally to power. Western observers mentioned irregularities; nonetheless they endorsed the outcome of elections.

“Armenia is such a rare case where the western and the Russian observers share the same opinion, a Ukrainian commentator wrote. He also affirmed that the time for colour revolutions (nick name for popular street revolutions in Ukraine and Georgia in 2003) seemed to be over.

While the state of emergency is still in force in Armenia and many opposition politicians have been arrested, Sahakashvili called on the Georgian opposition to unity because of the existence of foreign threat. The opposition went, instead, to the streets in protest against his “falsified” victory and the leaders of the opposition went on hunger strike.

Next to possible Russian intrigues, it is thus mainly the internal tensions in Armenia and Georgia that explain why western delegations flew out like a swarm of bees to the Caucasus. After all, Kosovo, as is heard officially, has to remain “a unique case”.


Hrant Dink Commemorated in Assen

This is a short report of the commemoration of Hrant Dink on 19 January 2008 at the Armenian Genocide Memorial in Assen, the Netherlands with the presence of Dutch MP Mrs. Esmé Wiegman of Christian Union Faction.

See English text below, after Dutch text.

Click to see some pictures of the commemoration

You can also see (in English and Dutch) and discuss this topic at Holandahay Forum


Dit is een kort verslag van de herdenkingsplechtigheid, die op 19 januari 2008 in Assen is gehouden in aanwezigheid van Mw. Esmé Wiegman–van Meppelink Scheppink, Tweede Kamerlid voor de Christen Unie.Klik hier om de toespraak van Mw. Wiegman op de webpagina van ChristenUnie te lezen.Klik om enkele foto’s van de herdenking te zien


Hrant Dink herdacht in Assen

19 januari 2008 – In Assen kwamen Armeniërs samen bij het genocide monument om de l jaar geleden vermoorde Hrant Dink te herdenken met een plechtigheid, georganiseerd door het 24 april Comité van de Federatie Armeense Organisaties Nederland (FAON).

Vertegenwoordigers van de FAON en andere organisaties uit verschillende steden van Nederland legden bloemen en kransen bij het Armeense genocide monument, een Armeense kruissteen (khatchkar) op begraafplaats de Boskamp in Assen.

Mw. Wiegman-van Meppelink Scheppink, Tweede Kamerlid voor de ChristenUnie gaf een toespraak over de inspanningen van Dink voor de democratie in Turkije. Zij vergeleek Dink met de theoloog en bestrijder van het nazisme Dietrich Bonhoeffer, volgens wiens opvattingen over medemenselijkheid iemands verantwoordelijkheid verder gaat dat het eigen ik en vrijheid niet te vinden is in verheven gedachten, maar in de daad.

Sprekend over taboes in Turkije beklemtoonde mw. Wiegman dat Nederland en Europa zullen moeten vasthouden aan het principe dat een land, dat zijn eigen verleden niet onder ogen wil zien, geen lid kan worden van de Europese Unie.

In een resolutie, die de FAON zal aanbieden aan regering, parlement en aan de Turkse ambassade, stelt de FAON vast dat Dinks ideeën nog springlevend zijn en er veel mensen mee sympathiseren. Deze mensen hebben steun nodig. Om deze steun te geven, moet het handhaven van artikelen als 301 van het Turkse Wetboek van Strafrecht, die strijdig zijn met de voorwaarden voor toetredingsonderhandelingen met de EU zowel als met de verplichtingen die Turkije heeft in het kader van het lidmaatschap van de Raad van Europa, niet langer zonder consequenties zijn. De resolutie roept voorts de Turkse regering op om de ideeën van Dink te volgen wat betreft de verzoening van bevolkingsgroepen en om de eigen geschiedenis onder ogen te zien, een en ander als enige mogelijkheid om de problemen in het land op te lossen.

Met verwijzing naar de woorden van Dink in een van zijn laatste columns. nl dat hij zich voelde “als een duif, een beetje bang, maar vrij” werden tijdens de plechtigheid witte duiven losgelaten.


Hrant Dink Commemorated in the Netherlands

19 January 2008 Assen, The Netherlands – Armenians gathered at the Armenian Genocide Memorial commemorated the first anniversary of the assassination of Hrant Dink. The commemoration was organised by the 24 April Committee of the Federation of Armenian Organisations in the Netherlands (FAON).

Representatives of the FAON and other organisations throughout the country laid flowers and wreaths at the Armenian Genocide Memorial, the Khachkar, in the cemetery ‘De Boskamp’ in Assen in the Netherlands.

Member of Dutch Parliament Mrs. E. Wiegman, (ChristionUnion Faction, a party in the present coalition government) delivered a speech about Dink’s efforts for democracy in Turkey. She compared Dink with theologist and Nazi fighter Dietrich Bonhoeffer, in whose opinion the solidarity is a person’s responsibility and includes more than just himself, whereby freedom is not to be found in elevated thoughts, but in actions. Talking about Turkish taboos, she said the Netherlands and Europe must hold on to the principle that a country that refuses to face its past, cannot become a member of the European Union.

A resolution was adopted at this commemorative meeting, which is addressed to Dutch government, parliament and which will be sent also to the Turkish embassy. In this resolution it is noted that Dink’s ideas still are very much alive and have many sympathisers. These sympathisers need support. In order to provide that support, articles in Turkish law like Article 301 of the Turkish Penal Code cannot be maintained. These articles of the law being in contradiction with the conditions for EU membership negotiations, as well as Turkey’s obligations as a Council of Europe member, should no longer be without consequences. The resolution also calls upon the Turkish government to follow Dink’s ideas on the reconciliation among different ethnic groups of the population of Turkey and to face its own history, as the only way out to solve the differences in a peaceful way.

With reference to Dink’s words in one of his last columns, saying that he feels like a pigeon, a bit afraid but free, the ceremony included launching of white pigeons.
This mail comes to you in the framework of activities by Abovian Armenian Cultural Association (Armeense Culturele Vereniging Abovian) in The Hague. If you are not interested in receiving our mail please let us know and you will be removed from our list. If you know other people who might be interested in receiving our mail, please send us their e-mail address. Please send your reactions to: info@abovian.nl.


This is a Press Release by The Federation of Armenian Organisations of The Netherlands (FAON) concerning a Commemorative Meeting to honour the memory of Hrant Dink assassinated one year ago in Intanbul. This meeting will take place at the Armenian Genocide Memorial in Assen, The Netherlands with the presence of Dutch MP Mrs. E. Wiegman- van Meppelink Scheppink.

See English text below after Dutch text.

To see and discuss this topic visit Holandahay Forum


Federatie Armeense Organisaties Nederland (FAON)
24 april Comité
voor erkenning en herdenking van de Armeense genocide 1915

K.v.K. 27264382
E-mail: info@faon.nl
Website: www.24april.nl

PERSBERICHT
Armeniërs herdenken journalist Hrant Dink

Den Haag, 16 januari 2008 – Een jaar geleden, op 19 januari 2007, werd in Istanbul de Armeens-Turkse journalist Hrant Dink doodgeschoten. Op veel plaatsen in de wereld zal hij op 19 januari worden herdacht, en ook in Nederland. Dink was een moedig man, die zich onverschrokken voor zijn zaak heeft ingezet en daarvoor met zijn leven moest betalen. Op 19 januari 2008 om 14.00 uur worden bloemen gelegd bij de Armeense gedenksteen in begraafplaats de Boskamp, Boskamp 5, in Assen. Hier zal onder meer het Christen Unie Kamerlid Mw. E. Wiegman- van Meppelink Scheppink spreken. Na de plechtige herdenking wordt een resolutie aangenomen waarin onder meer wordt opgeroepen tot afschaffing van artikel 301 van het Turkse wetboek van strafrecht en het respecteren van mensenrechten en rechten van minderheden in Turkije.

Hrant Dink was uitgever, hoofdredacteur en columnist van het Armeens-Turkse tweetalige weekblad “Agos”. Met zijn publicaties wilde hij de dialoog bevorderen tussen Armeniërs en Turken. Dialoog en verzoening waren de essentie van het werk van Hrant Dink. In die zin was hij een bruggenbouwer, maar evenzeer was hij voorvechter van de persvrijheid en de vrijheid van meningsuiting in Turkije.

In vele landen werd hij onderscheiden voor zijn werk. Op november 2006 kreeg hij in Den Haag uit handen van burgemeester Deetman de Oxfam Novib Pen Award. In Duitsland kreeg Dink de gerenommeerde Henri-Nannen prijs voor zijn verdiensten voor de persvrijheid.

Dink werd in 2005 op grond van artikel 301 van het Wetboek van Strafrecht veroordeeld tot zes maanden voorwaardelijke gevangenisstraf. Op basis van dit artikel kan men worden vervolgd, als men in de ogen van de autoriteiten “het Turkendom beledigt”.

Na zijn veroordeling werd Hrant Dink slachtoffer van het politieke klimaat in Turkije. Door zijn opstelling werd hij voortdurend bedreigd, maar kreeg ondanks herhaald verzoek, geen bescherming van de politie van Istanbul. De achtergrond en toedracht van zijn dood zijn tot op de dag van vandaag niet helemaal opgehelderd.

De weigering door de opeenvolgende Turkse regeringen om de donkere bladzijden van de eigen geschiedenis onder ogen te zien en te verwerken, leidt tot geweld en agressie, en eist tot op heden, ruim negentig jaar na de genocide op de Armeniërs, nog steeds slachtoffers. Hoewel Hrant Dink de Armeense genocide van 1915 binnen de Turkse samenleving op een, ook voor Turken, respectvolle wijze ter sprake bracht, heeft hij deze dappere invulling van de elementaire vrijheid van meningsuiting en persvrijheid met de dood moeten bekopen. Ook na diens dood zijn deze basale mensenrechten in Turkije in het geding.

De Federatie van Armeense Organisaties in Nederland (FAON) roept dan ook de verantwoordelijken in regering en parlement van Nederland, maar ook de politici van de Europese Unie op om voor deze elementaire rechten in Turkije op te komen en met name om thans van Turkije de algehele schrapping van artikel 301 van het Turkse wetboek van strafrecht op zeer korte termijn te eisen. Al was het maar uit eerbetoon aan Hrant Dink, die zonder dit artikel naar alle waarschijnlijkheid nog geleefd had. Ondanks talloze beloftes van Turkije is dit artikel, dat in eclatante tegenspraak is met de Europese normen, tot op heden van kracht.

Federatie Armeense Organisaties in Nederland


Federation of Armenian Organisations in the Netherlands (FAON)
24 April committee
for recognition and commemoration of the Armenian genocide 1915

K.v.K. 27264382
E-mail: info@faon.nl
Internet site: www.24april.nl

Press Release
Armenians commemorate journalist Hrant Dink

The Hague, 16 January 2008 – A year ago, on 19 January 2007, the Armenian Turkish journalist Hrant Dink was assassinated in Istanbul. He will be commemorated on 19 January in many countries and also in the Netherlands. Dink was a brave man, who has devoted himself fearlessly for his principles and he paid for that with his life. On 19 January 2008 at 2 p.m. flowers will be laid at the Armenian Genocide Memorial in cemetery of “De Boskamp”, Boskamp 5, in Assen. Mrs. E. Wiegman-Van Meppelink Scheping Member of Dutch Parliament will be present at this commemoration. Beside the solemn commemoration, a resolution will be adopted demanding among others the abolition of Article 301 of the Turkish Penal Code and respecting human rights and rights of minorities in Turkey.

Hrant Dink was the publisher, head editor and columnist of the Armenian Turkish bilingual weekly newspaper “Agos”. In his publications he promoted the dialogue between Armenians and Turks. Dialogue and reconciliation were the nature of the work of Hrant Dink. In that sense he was a bridge builder, but likewise he was a fighter for the freedom of press and the freedom of speech in Turkey.

In many countries he was awarded for his work. In November 2006 he received the Oxfam Novib Pen Award in The Hague from Mr. Deetman, the mayor of The Hague. In Germany Dink received the famous Henri-Nannen price for his merits for freedom of press.

Dink was condemned in 2005 under Article 301 of Turkish Penal Code a six months suspended sentence. On the basis of this Article one can be condemned, if one “offends the Turkishness” in the authorities opinion.

After his condemnation Hrant Dink became a victim of the political climate in Turkey. By his attitude he was continuously threatened, but he did not get, in spite of repeated request, Istanbul police protection. The context and circumstances of his assassination have not been entirely cleared up to today.

The refusal of the successive Turkish governments to face and to deal with the dark pages of their own history, leads to violence and aggression, and still claims victims, more than ninety years after the Genocide of the Armenian. Although Hrant Dink brought up the issue of Armenian Genocide of 1915 within the Turkish society in a respectful manner also for Turks, he had to pay with his life for this brave interpretation of the elementary freedom of expression and freedom of press. Also after his dead these basic human rights in Turkey are at issue.

The Federation of Armenian Organisations in the Netherlands (FAON) thus calls the responsible persons in the government and parliament of the Netherlands, and also the politicians of the European Union to stand up for these elementary rights in Turkey and particularly to demand now from Turkey the complete abolition of Article 301 of the Turkish Penal Code on very short term. If only because of tribute to Hrant Dink, who might well still be alive without this Article. In spite of innumerable promises by Turkey this Article, which is in flagrant contradiction to the European standards, until now still is effective.

Federation of Armenian Organisations in the Netherlands


This is a Press Release by The Federation of Armenian Organisations of The Netherlands (FAON) concerning a debate in Dutch parliament on 6 December 2007 regarding EC Turkey 2007 Progress Report and Turkish denial of the Armenian Genocide.See English text below after Dutch text.To see and discuss this topic visit Holandahay Forum


FEDERATIE ARMEENSE ORGANISATIES NEDERLAND (FAON)
E-mail: info@faon.nl

PERSBERICHT

Nederland kritischer over Turkije dan Europese Commissie

Verhagen: Een land dat wil toetreden tot de EU, moet wel zijn eigen geschiedenis onder ogen hebben gezien.

Den Haag 6 december 2007. Het Nederlandse parlement is het eens met Minister Verhagen van Buitenlandse Zaken en Staatssecretaris Timmermans van Europese Zaken, die een kritischer standpunt innemen dan de Europese Commissie inzake de voortgang van de hervormingen in Turkije. Dat bleek vandaag in een overleg, waarin o.m. het voortgangsrapport 2007 van Turkije op de agenda stond, ter voorbereiding van de EU top van 14 december. De FAON heeft zich voorafgaand aan dit overleg schriftelijk tot het parlement gewend met nadere informatie over o.m. artikel 301, de vrijheid van godsdienst, rechten van minderheden en over de recente flagrante ontkenningen van de Armeense genocide door de Turkse regering.In een brief aan het parlement hadden de bewindspersonen aangegeven weliswaar de kritische opmerkingen van de Europese commissie te onderschrijven, maar op een aantal andere punten verder te willen gaan dan de Commissie. Nederland vindt bijvoorbeeld dat meer nadruk gelegd moet worden op problemen in het rechterlijke systeem, maar ook denkt Nederland minder positief dan de commissie over de vrijheid van godsdienst, waarbij gewezen wordt op de steeds terugkerende bedreigingen van leden van religieuze minderheden. Deze belemmeringen moeten “zo spoedig mogelijk” worden opgeheven. Het aantal strafzaken mede n.a.v. de Armeense kwestie is dit jaar opnieuw gestegen. Over de vrijheid van meningsuiting stelt de Commissie daarom dat artikel 301 en andere artikelen in lijn moeten worden gebracht met het Europese Verdrag voor de Rechten van de Mens. Nederland is van mening dat een “spoedige” herziening van de wet daarom nodig is en gaat daarin verder dan de Commissie.

Verschillende partijen refereerden aan recent onderzoek onder Turkse magistraten, die in meerderheid het belang van de staat boven individuele mensenrechten stellen, en waarvan maar 16% voor schrappen van artikel 301 bleek te zijn.

Door verschillende partijen werd de Armeense genocide naar voren gebracht, meestal in het kader van het ontbreken van vrijheid om daarover in Turkije te spreken. Het krachtigst sprak de ChristenUnie zich hierover uit. Mw Wiegmans sprak als woordvoerder voor die partij van de ontkenning van de Armeense genocide als een van de belangrijkste knelpunten in Turkije; wie daarover spreekt is zijn leven niet zeker, zeker als het om een Armeense burger gaat. Zij sprak van een blamage voor de Europese Unie om de onderhandelingen in deze omstandigheden voort te zetten. De motie Rouvoet, van 3 jaar geleden, vroeg om de erkenning van de Armeense genocide voortdurend en nadrukkelijk onder de aandacht te brengen in het onderhandelingsproces met Turkije: wat gebeurt hier op dit moment mee, vroeg zij zich af. Zij wil een signaal afgeven dat de voortdurende ontkenning door Turkije van de genocide consequenties moet hebben voor de onderhandelingen, zoals haar partij ook een signaal heeft afgegeven door indiening van het initiatiefwetsvoorstel strafbaarstelling ontkenning genocide

In zijn reactie gaf Minister Verhagen aan dat het tekortschieten van Turkije op het gebied van de politieke criteria ernstig is, niet alleen voor Turkije maar ook voor het draagvlak voor Turkije in Europa. Zowel hij als de Staatssecretaris benadrukten dat het om een langdurig proces van hervormingen en onderhandelingen gaat, waarvan de uitkomst, anders dan vroeger, allerminst van te voren vaststaat.

Nederland en Europa houden zich aan de afspraken, en Turkije moet dat ook doen. In dat verband kunnen volgens de minister, door de EU geen nieuwe criteria worden toegevoegd. Hij doelde hiermee op de opmerkingen van de ChristenUnie m.b.t. de Armeense genocide. Wel is relevant voor de onderhandelingen, dat de Armeense genocide aan de orde kan worden gesteld, maar de erkenning ervan is geen voorwaarde.

Wel is het aldus de Minister zo, dat wil een land toetreden tot de EU, het zijn eigen geschiedenis onder ogen moet hebben gezien. Staatssecretaris Timmermans gaf in zijn bespiegelingen aan, dat het “Kemalistische wereldbeeld” in Turkije moet verdwijnen, wil het land een democratische rechtsstaat kunnen worden.

Federation of Armenian Organisations in The Netherlands (FAON)
E-mail:info@faon.nl

PRESS RELEASE

The Netherlands: more critical on the issue of Turkey than European Commission

Minister Verhagen: A country wishing to join the EU should have faced its history

The Hague 6 December 2007. The Dutch parliament agrees with Foreign Minister Verhagen and Secretary of State for European Affairs Timmermans who have taken a more critical position than the European Commission on the issue of progress of reforms in Turkey. This can be stated as the outcome of the debate today, where among others the EC Turkey 2007 Progress Report was on the agenda in preparation of the EU Top on 14 December. The Federation of Armenian Organisations in the Netherlands (FAON) had previously sent a letter to the parliament, reporting on several issues such as Article 301 of Turkish Penal Code, freedom of religion, rights of minorities, and blatant denial of the Armenian genocide by the Turkish authorities.

In a letter to the parliament, the Dutch government subscribed to the critical remarks of the European Commission, but on a number of points they chose a stricter position than the Commission. According to the Netherlands more emphasis should be put on the juridical system; moreover, the Netherlands has a less positive opinion on freedom of religion, pointing to the ongoing threats towards members of religious minorities. These obstacles should be lifted “as soon as possible.”

There have been more persecutions this year, among others because of the Armenian issue. Therefore, on freedom of speech, the Commission states that Article 301 and others should be put in line with the European Convention on Human Rights. The Netherlands demands the modification of the Penal Code to be “on a short term,” thus going further than the Commission.

“Several political parties referred to the recent research under Turkish magistrates who have put the state’s interest above individual human rights and of whom only 16% is in favour of scrapping Article 301.

Several parties raised the Armenian Genocide, mostly in connection with the lack of freedom to discuss it in Turkey. Most prominently, it was the Christian Union faction that expressed its opinion on this. The spokesperson of the Christian Union, Mrs Wiegmans, called the denial of the Armenian Genocide one of the key problems in Turkey. One cannot be certain of one’s life when one speaks about it, especially for aTurkish citizen of Armenian origine. She said that it is a disgrace for the European Union to continue negotiations under these circumstances. Is the motion of Rouvoet of 2004, which asks to continuously and explicitly address the recognition of the Armenian Genocide within the negotiation process with Turkey, still being carried out? Her signal is that the continuous denial of the Armenian Genocide by Turkey should have consequences for the negotiations. She also referred to the signal her party gave by initiating a law to penalise genocide denial.

In response, Minister Verhagen indicated that the shortcomings of Turkey in the field of the political criteria are severe, not only for Turkey itself, but also for the public support for Turkey within Europe. The Minister as well as the Secretary of State stressed that reforms and negotiations will take a very long process of which the outcome, different from before, is not certain in advance. The Netherlands and Europe will stick to agreements made with Turkey and Turkey should do the same. Within this context the minister indicated that no new criteria can be added, by which he meant the remarks made by the Christian Union on the Armenian Genocide. What is relevant for the negotiations is whether the issue of the Armenian Genocide can be raised in Turkey or not, but the recognition of it is not one of the preconditions in the process. It should however be the case, at least according to the Minister, that if a country wants to join the EU, it should face its history.

Secretary of State Timmermans mentioned in his speech that the “Kemalist view of the world” in Turkey should be abandoned in order for Turkey to become a democratic constitutional state.